2 augustus 2014

Weerzien met Orkney

Op de een of andere manier voelt het weer goed om de Orkney eilanden aan te lopen. Want hoewel we veel ruiger en indrukwekkender bestemmingen hebben bezocht, is het juist het bescheiden, haast ingetogen karakter van Orkney, wat deze eilandengroep zo'n bijzondere charme geeft.

Ons eerste bezoek aan Orkney is al weer 15 jaar geleden. We vielen als een blok voor deze mooie noordelijke wereld met haar grootse natuur en aardige gastvrije mensen. Liefde op het eerste gezicht. Een plek om vaak terug te komen, zo namen we ons toen voor.
Toch vonden de bezoekjes daarna steeds op doorreis plaats: in 2006 toen we op weg waren naar de Faeroer en in 2010 op weg naar IJsland. Beide bezoeken waren kort en voerden ons naar Kirkwall wat een goede haven is voor een tussenstop. Daarmee bleven echter grote delen van Orkney onbekend terrein voor ons. Eén van de eilanden die we tot nu toe steeds hebben overgeslagen is Hoy. Dat komt omdat om naar Hoy te zeilen, de Pentland Firth overgestoken moet worden; een stuk water wat door de gierende getijstromen een vervaarlijke reputatie heeft.
Maar met de goede adviezen uit de Sailing Directions voor de Orkney eilanden durfden we het wel aan. We wisten mooi op tijd Dunscansby Head te ronden, om vervolgens met het goede tij tussen Hoxa en South Ronaldsay, Scapa Flow in te zeilen. Daarna zeilden we door naar Longhope, het belangrijkste dorp van Hoy. Daar pikten we één van de twee visitor moorings op. Een praatje op de pier de volgende dag, hielp ons aan de benodigde informatie over vervoer om onze wandelplannen naar The Old Man of Hoy te kunnen realiseren.
Na Hoy voldoende te hebben verkend zeilden we door Scapa Flow naar Stromness. De verspreide kleine eilandjes maken Scapa Flow een mooi en beschut zeilwater. Vreedzaam zou je zeggen, ware het niet dat de zeebodem hier vol ligt met gezonken marineschepen uit de beide wereldoorlogen. Een waar oorlogskerkhof. Het sfeervolle Stromness blijkt intussen onze volgende nieuwe ontdekking in Orkney.